Posts tonen met het label Mark Rutte. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Mark Rutte. Alle posts tonen

vrijdag 31 maart 2017

Door roeien en ruiten. Laatste blog

Nihil novi sub sole

De voltallige wereldpers had vorige week de kampementen opgeslagen in onze moerasdelta om verslag te doen van de 'kwartfinale' tegen de populisten - pardon, de 'verkeerde' populisten -, aldus Rutte. Nederland weer even de navel van de wereld - wat een weelde.
  Er stond wat op het spel, zo mochten we van de buitenlandse verslaggevers vernemen, want de reputatie van het open en tolerante Nederland stond op de helling: zouden de Hollanders hun verstand erbij houden of zouden ze hun onderbuik laten spreken?
  Je ging er bijna door hopen dat Wilders toch zou winnen, opdat we eindelijk eens konden afrekenen met dat fabeltje van het o zo tolerante Nederland. Historisch gezien was wat we nu tolerantie noemen in hoofdzaak een vorm van geslepen mercantilisme, terwijl het in het nabije verleden in de gedaante van het cultuurrelativisme vooral een ideologisch dogma is geweest dat het sociale bindweefsel van de samenleving uiteen heeft gereten.
  Maar Wilders won niet - dat wil zeggen, hij werd niet de grootste - en de vlag ging uit, te beginnen bij het Brussels geboefte. Jean-Claude Juncker bracht een toast uit: deze verkiezingsuitslag was een collectieve stem vóór Europa. Guy Verhofstadt proclameerde dat Nederland een pro-Europees bastion bleef.
  De mensen hebben evenwel noch met hun verstand, noch met hun onderbuik gestemd, ze hebben het ultrakortetermijngeheugen laten beslissen. Vier jaar lang hebben ze zich kapot geërgerd aan de volksverlakkerij van Mark 'Pinokkio' Rutte & Zijn Boevenbende van Bonnetjes & Inlegvelletjes, maar één zaterdag het land verdedigen tegen Erdoğans aanvalsplan was genoeg om als een blad aan een boom om te draaien.
  Dat menigeen zijn voor Wilders gereserveerde stem uiteindelijk niet op de PVV heeft uitgebracht omdat de partij bij voorbaat overal van uitgesloten werd, komt bij de victorie kraaiende commentatoren niet op. De PVV zelf vertoonde overigens ook allesbehalve de gretigheid om het momentum te verzilveren. Wilders ontdook het debat, en wanneer hij wel meedeed draaide hij zijn inmiddels behoorlijk grijsgedraaide riedels af. Het is te hopen dat zijn trucje nu wel is uitgewerkt, maar zeker is dat allesbehalve.

Meer nog dan de populisten werden de sociaaldemocraten verslagen. De PvdA leed een historische nederlaag. Niemand hoeft medelijden te hebben met de voormalige arbeiderspartij, die de voorbije decennia de traditionele achterban gestaag van zich heeft vervreemd, uit opportunistische, cliëntelistische motieven een vijfde colonne de partij binnenhaalde, en nu met de gebakken peren zit sinds die zich heeft afgescheiden en de nieuwe achterban heeft meegenomen naar Denk.
  Toch kun je niet anders dan enige empathie voelen wanneer je de beelden ziet waarin Attje Kuiken van de PvdA tijdens een debat wordt aangevallen door Farid Azarkan van Denk over de mede dankzij de PvdA aangescherpte regels rond halal slachten: 'U vindt dat deze mensen naar België moeten om een schaap te halen!' schuimbekt Azarkan. Een meute joelende mohammedanen vormt het onheilspellende achtergrondkoor terwijl deze schurk zich intimiderend over het tafeltje naar Kuiken toe buigt.
  Zo kan het dus gaan: je koos ooit voor de softe aanpak om de nieuwe Nederlander te paaien, plaatst allochtonen op je lijst om die mensen als stemvee aan je te binden, en voor je het weet blijk je het Paard van Troje te hebben binnengehaald dat, eenmaal losgebroken, je het verwijt maakt je mensen naar België te jagen voor een schaap. O, PvdA.
  Overigens doet het gejeremieer van de PvdA-partijbonzen evenzeer pijn aan de oren. De partij moet zichzelf opheffen (Oudkerk), de negen zetels kunnen beter aan GroenLinks worden geschonken (Plasterk). Alsof deze mastodonten de voltooidlevenwet van Doodbidders66 alvast maar op hun eigen partij willen uitproberen.
  Van het CDA dachten we vier jaar geleden ook dat het einde oefening was, en kijk nu eens: een wederopstanding in de beste christelijke traditie. Zo is ook de PvdA nog lang niet opgegeven. Gewoon maximaal vier jaar oppositie voeren tegen het aanstaande kabinet, en dan met Aboutaleb aan het roer de volgende verkiezingen in.

Hoewel GroenLinks een van de winnaars is en waarschijnlijk zal gaan regeren, bleek Jesse Klaver toch niet veel meer dan de mediahype die hij was: structureel overschat in de peilingen, vooral aanbeden door zwijmelende meisjes, inclusief mejuffrouw Jinek: 'Jesse, je bent een rockstajjrr!'
  En dan zit daar bij de nabeschouwing uitgerekend Paul Rosenmöller zich te verkneukelen over de verkiezingscampagne van GroenLinks, terwijl Pim Fortuyn straks alweer 15 jaar in zijn graf ligt, Fortuyn die, aldus destijds diezelfde Rosenmöller, 'niet gewoon rechts, maar extreemrechts' was, Rosenmöller die sindsdien vooral in het nieuws kwam wanneer hij, zelfbenoemde strijder tegen de graaicultuur, weer eens schaamteloos zijn zakken had gevuld uit de pot met publieke middelen en pas onder grote druk bereid was de poen terug te storten, diezelfde Rosenmöller zeg ik, die zit zich daar dan te verkneukelen over de zege van zijn partij en de campagne te prijzen, die geleid werd door Wijnand Duyvendak, ministerie-inbreker en kopstuk binnen de extreemlinkse RaRa, uit dezelfde duister-activistische hoek als de moordenaar van Fortuyn.
  Duizelingwekkend ergerniswekkend.
  Fortuyn was de laatste weken ineens opvallend vaak in het nieuws. Het begon met Alexander Pechtold bij Pauw & Jinek: Fortuyn had gelijk, ik keek destijds weg van de problemen, gaf Pechtold grootmoedig toe. Goedkoop, gratuit grootmoedig, bedoel ik. Hoeveel mensen zijn er toen, voordien en nadien niet weggezet als racist, als extreemrechts, als xenofoob - de hele santenkraam -, sociaal en maatschappelijk geslachtofferd op het aambeeld van de politieke correctheid? Er zijn letterlijk mensen gesneuveld, Pechtold, met dat wegkijken van jou. Maar er lering uit trekken, verantwoordelijkheid nemen, de consequenties aanvaarden? Ach, vergissinkje, kan gebeuren.
  Toen kwam Jeroen Dijsselbloem op de radio: Fortuyn had gelijk, vond ook de Dijs, die destijds integratiewoordvoerder van de PvdA was. 'Hij had het over Marokkaanse en Turkse jongens die de straten van Rotterdam terroriseerden. Fortuyns boodschap was om zelf voor je normen te gaan staan en die niet te laten aantasten. Ook als je samenleving door migratie verandert. Het is legitiem om tegen nieuwkomers te zeggen dat ze zich in onze normen en waarden verdiepen.' Ja, zalvende woorden en zo, maar kwam daar toen maar eens om.
  'Ik weet niet meer wat ik toen dacht, maar ik ben het nu met hem eens.' Nou, we kunnen zo wel raden wat Dijsselbloem toen dacht, of wat hij misschien toen al wel dacht maar niet mocht uitspreken van zijn baas Ad Melkert, uweetwel, die van dat chagrijnige bakkes en van 'Nederland, word wakker!'

Intussen hebben de exorcisten een nieuwe duivel gevonden, en wel in de persoon van Thierry Baudet, die met zijn Forum voor Democratie twee zetels behaalde. Met weinig middelen maar met tomeloze energie wist Baudet in amper een paar maanden tijd een partij uit de grond te stampen en de Kamer binnen te loodsen. Ongehoord is de kwaadaardigheid waarmee het columnistendom en de socialemediagestapo de kersverse parlementariër sindsdien te lijf gaan.
  Asha ten Broeke (de Volkskrant) begreep niet hoe het mogelijk was dat de partij Artikel 1 van Sylvana Simons nul zetels had behaald, want in haar 'socialemediabubbel' stemde iedereen erop.
  In plaats van dan de logische conclusie te trekken dat die bubbel blijkbaar een tamelijk kortzichtig, om niet te zeggen bekrompen wereldbeeld oplevert, trekt ze liever van leer tegen Baudet, die een 'verkrachtingsverheerlijkende fascist' (sic) zou zijn.
  Zoals dat tegenwoordig gaat werd de bepaald niet appetijtelijke Ten Broeke vervolgens bestookt door het getokkificeerde geteisem, met reacties van de categorie Asha ten Broeke, daar trap ik mijn hond nog vanaf. Voer voor een nieuwe column natuurlijk. Gevolg: de goegemeente bemoederde de gekwetste ziel, over de wanstaltigheid van de oorspronkelijke column werd met geen woord meer gerept.
  Het Algemeen Dagblad liet ene Anne Fleur Dekker aan het woord, die Baudet ook al 'fascistoïde' mocht noemen. Anne Fleur afficheert zichzelf als 'activist', 'marxist' en 'veganist', iemand dus die in ideologisch opzicht in dezelfde onwelriekende moestuin rondscharrelt als Volkert van der Graaf.
  Dekker zou stemmen gaan tellen in Hilversum, Stel je voor, iemand met zo'n agenda die zonder enige vorm van controle stemformulieren op het juiste stapeltje moet leggen! De gemeente werd gelukkig bijtijds op haar antidemocratische inborst gewezen en stak er een stokje voor.

Maar ook het intellectuele puikje van Nederland hield zijn kruit niet droog. Buitenhof bracht ons socioloog Willem Schinkel. Baudet is iemand die 'eigenlijk' racistische en seksistische uitspraken doet, aldus Schinkel, zo maar even tussen neus en lippen door. 'Eigenlijk', alsof iemand van racisme en seksisme beschuldigen iets is wat we even in een bijzin doen, alsof dat niet een verkapte oproep tot ingrijpen is die altijd in verkeerde handen valt.
  Schinkel is een uitgesproken tegenstander van integratie van nieuwkomers en pleitte in 2012 voor een nieuwe 'politisering' die zich 'links van links' moest manifesteren. Links van links, ja. Ultralinks, links-radicaal, extreemlinks - allemaal geperverteerde begrippen, dus noemen we het links van links, moet hij geredeneerd hebben, maar het blijft natuurlijk hetzelfde dubieuze uiterste waar men zich beter verre van houdt.
  'Het integratiedebat heeft weinig baat bij dit trieste proza', schreef Max Pam al eens over een onleesbaar opstel van de socioloog.
  Schinkel, door Arend Jan Boekestijn een 'extremist' genoemd en door René Cuperus een 'jihadistische intellectueel', maaide ook Ahmed Aboutaleb nog even neer, door de moedige Rotterdamse burgemeester ervan te betichten 'Turken in elkaar te hebben geslagen'.
  Ik zeg het niet vaak, maar wat een gotspe. Nou ja, ik zeg het wél vaak, maar nooit was het zo gerechtvaardigd. Dit is gewoon onvervalste Erdogan-retoriek.

Het voorlopige dieptepunt werd bereikt door VPRO-medewerker Michael Schaap, beter bekend - naar verluidt - als 'De Hokjesman'.
  Hij twitterde: 'Je zou je hond nog niet op Asha zetten, dixit Baudet.' Maar dat had Baudet helemaal niet gezegd, het was een uitspraak van een van de laffe scheldkanonniers. Hiermee geconfronteerd koos Schaap de vlucht vooruit: 'Hij zei het kennelijk niet. Fuck him anyway. Druiloor en hufter ineen.' Dit is zo laagbijdegronds, werkelijk ongehoord. Kunnen die moslims van Azarkan als ze in België een schaap moeten gaan halen deze Schaap niet als ruilmiddel inzetten?
  Zo'n lastercampagne is kenmerkend voor links van links. Waar rechts van rechts altijd een groep aanwijst die tot zondebok wordt gebombardeerd, daar is extreemlinks gespecialiseerd in het belasteren, beschadigen en uiteindelijk onschadelijk maken van individuen. Je legt diegene woorden in de mond die hij óf in een totaal andere context óf in het geheel niet heeft gezegd, en als dat uitkomt speel je de vermoorde onschuld of maak je een halfslachtig terugtrekkende beweging om vervolgens vrolijk door te gaan met je haatcampagne. Het is de klassieke parabel van Barbertje van Multatuli.
  (Wat beide extremismen overigens gemeen hebben is dat ze uitgesproken 'pro-Palestina' zeggen te zijn, uweetwel, het slecht plakkende label waardoorheen in hun geval het aloude antisemitisme overduidelijk waarneembaar is.)

Kort na de verkiezingen circuleerde er op internet een afbeelding van een alinea tekst uit een boek van Baudet, waarmee de demoniseerders zijn levensgevaarlijke misogynie meenden te kunnen aantonen. Het bleek echter een passage uit Voorwaardelijke liefde (2014), Baudets roman, en de erin ontvouwde gedachten waren die van het personage. Maar hij is het zelf, aldus de Annefleurigen.
  Is Baudet dan dus ook een voorstander van vrouwenbesnijdenis? De hoofdpersoon van die, naar mijn mening overigens niet zo geslaagde roman, laat aan het eind immers zijn vriendinnetje deze ingreep ondergaan.
  Baudet voert in zijn roman een personage op dat deels op hem geënt is en met dat imago aan de haal gaat. Harry Mulisch werd zelfingenomenheid verweten, in De pupil (1987) liet hij een alter ego over zichzelf opmerken: 'Ofschoon ik een grondige hekel had aan zelfingenomenheid, ontveins ik mij niet, dat ik vaak zeer onder de indruk was als ik aan mijzelf dacht.' Baudet wordt op basis van zijn bijdrage aan de Fifty Shades/Julien Blanc-discussie vrouwonvriendelijkheid verweten, in Voorwaardelijke liefde levert de dolgedraaide protagonist Gregor zijn vriendinnetje over aan de vernederendste van alle behandelingen.
  Het zijn de wegen van de literatuur.
  Overigens heeft Baudet wel meer gemeen met Mulisch. Die laatste was de meester van de ironische zelfvergroting: het verwijt ijdel en arrogant te zijn pareren door het niet te bagatelliseren maar er juist een schepje bovenop te doen. Zo ook Baudet, die op het verwijt een elitaire kwezel te zijn reageerde met een quote in het Latijn. Dat is zelfironie, maar zoals Mulisch al wist: in Nederland is men daar absoluut ongevoelig voor.
  Angstaanjagend, deze hedendaagse boekverbranders met hun hetze. Je zou toch denken dat we hier sinds de processen tegen W.F. Hermans en Van het Reve vanaf waren.
  Het verschil is dat het destijds geborneerde gereformeerden en overmoedige katholieken waren die reclameerden over een paar hun onwelgevallige passages in romans, terwijl het nu onberekenbare activisten zijn die niet alleen in het geweer komen maar er ook eentje in een la hebben liggen, of tenminste zulke mensen kennen dan wel zouden kunnen inspireren.

De disproportionaliteit van deze demonisering is des te verbijsterender als men bedenkt dat er met Denk drie pionnen van Erdoğan, misschien wel de enige prominente politicus van het moment die zich daadwerkelijk als een fascist heeft geprofileerd, in de Tweede Kamer zijn gekomen.
  De politiek heeft al noodverbanden moeten leggen om de lange arm van Ankara buiten de commissie-Stiekem te houden: alleen de vijf grootste partijen zetelen er nog in, eventueel aangevuld met andere partijen op uitnodiging. Het is zeker niet denkbeeldig dat Denk in de nabije toekomst bij die vijf gaat horen. De partij werd nu al de grootste in de getto's van de grote steden. Het zaadje is geplant, de wortels vertakken zich onder de oppervlakte, het onkruid schiet op. Zelfs tot diep in België nu: de onvermijdelijke Abou Jahjah, godbewaarons, gaat geïnspireerd door het succes van Denk ook al de politiek in.
  Het is een hersenbreker: wat brengt een weldenkend mens ertoe Denk buiten schot te laten en alle pijlen, gedoopt in het bijtendste zuur, op Baudet te richten? Ik bedoel: wijs mij gerust het gevaar aan waar je het meent te ontwaren, maar de ongekende verbetenheid en haatdragendheid waarmee dat gebeurt, de huichelachtigheid ook, waar komt dat in godsnaam vandaan?
  De psychiater Esther van Fenema - misschien is er inderdaad een psychiater voor nodig om het te duiden - verklaart het uit de Nederlandse volksaard: 'de onstilbare behoefte om te controleren, te castreren en te nivelleren'. En om te 'ontmaskeren', kunnen we daaraan toevoegen, naar de fameuze analyse van Menno ter Braak door W.F. Hermans. Voor Ter Braak was het ontmaskeren van het Kwaad uiteindelijk een geval van 'persoonlijke penitentie', meende Hermans: 'Als ik de duivel maar overal ontmasker, denkt de christen, kom ik wel in de hemel. Als ik maar veel ressentiment ontmasker, denkt Ter Braak, ben ik... krijg ik... Ja, wat was hij dan, kreeg hij dan?'
  Dan deug ik, kunnen we inmiddels wel invullen, dan krijgt de ontmaskeraar een verlenging van zijn verblijfsvergunning in Deugdorp. De betreurde Vliegende Panters wisten het al in 2006 in hun onvolprezen 'Deuglied' vlijmscherp te verwoorden: 'Les 1 van willen deugen: huichel en wees laf.'

Asha ten Broeke kon Baudet 'op idealen niet betrappen', schreef ze ook nog, heerlijk helder huichelachtig. Baudet is iemand met wiens idealen ik het hartgrondig oneens ben, bedoelde ze natuurlijk, maar zoiets zorgt in die hoek onmiddellijk voor kortsluiting: in de bubbel van de Ten Broekes van deze wereld ben je het nooit oneens met iemand, daar bestaan geen andersdenkenden, daar bestaan alleen mensen die deugen en de rest zijn fascisten.
  Frank Poorthuis van het Algemeen Dagblad leek wel een serieuzere poging te willen wagen het fenomeen Baudet te demonteren, maar hij was niet belezen en niet geïnformeerd genoeg, zo gaf hij zelf grif toe: 'Natuurlijk, ik heb niet al zijn boeken uitgelezen, maar anderen gelukkig wel.' En dan vervolgens uitgerekend naar Sander Philipse verwijzen, de lippenstiftdragende social justice warrior die zelfs in eigen kring om zijn NSB-methoden wordt gehaat.
  Philipse meende aan de hand van een foto van Baudets boekenkast te kunnen aantonen dat hij een nazi is.
  Tja, als we zo gaan beginnen. In mijn kast staat het boek Voor Europa! van Verhofstadt en Cohn-Bendit, ben ik dan ook een federatiefundamentalist? En omdat ik het halve oeuvre van Grunberg bezit vind ik zeker ook automatisch dat het nazisme nuttig was omdat het ons Angela Merkel heeft opgeleverd?

Mark Rutte heeft geen visie en is daar trots op: visie is een 'olifant die het zicht belemmerd' heeft hij gezegd. Nederland is onder zijn leiding uit de crisis gekomen, pocht hij nu, en dus heeft hij het goed gedaan. Onder zijn leiding, ja, maar niet door zijn leiderschap. Integendeel: er is veel te hard bezuinigd, zo wees een rapport van ING uit, waardoor het hier veel langer heeft geduurd dan nodig was voor het weer beter ging.
  Baudet etaleert een visie die de olifant in de kamer benoemt. Hij appelleert aan een gevoel van urgentie: zijn boodschap is dat wat we betreft een aantal belangwekkende thema's - de EU, de euro, massa-immigratie, de toekomst van de democratie - op een kantelpunt in de geschiedenis staan.
  W.F. Hermans zei ooit in een interview met 'een geologische blik' naar de geschiedenis te kijken: de aarde is 3 miljard jaar oud, menselijk leven is er pas 1 miljoen jaar, de moderne mens hoogstens achtduizend jaar. Oftewel: de mens neemt in deze constellatie zo'n marginale rol in dat elk streven zinloos is.
  Die geologische blik is het andere uiterste van de economische blik van Rutte. Beide perspectieven zijn fundamenteel apolitiek.
  Veeleer gaat het nu om de 'demografische' blik van de middellange termijn: de vergrijzing in West-Europa versus de bevolkingsexplosie in met name Afrika en de impact die beide ontwikkelingen op ons land zullen hebben - dat wat in agitatorische kringen ook wel de 'omvolking' wordt genoemd.
  Tegen 2050 zal de Afrikaanse bevolking, met name in de Subsahara, verdubbeld zijn. Niger telt nu 17 miljoen inwoners, in 2050 55 miljoen. Nigeria nu 166 miljoen, in 2050 278 miljoen. Ethiopië: van 90 naar 186 miljoen. Enzovoort.
  Miljoenen Afrikanen zullen dan staan te popelen om naar de toch al steeds drukker wordende steden van het 'rijke' Europa te trekken. Het valt ze niet kwalijk te nemen, maar het stelt ons wel voor fundamentele keuzes, want als het inderdaad zo ver komt is er helemaal geen vrij en rijk Europa meer, met een verzorgingsstaat en sociale vangnetten en dergelijke verworvenheden, niet meer voor ons natives maar ook niet voor de nieuwkomers.
  Immigratie van die proporties zal instabiliteit veroorzaken, overbevolking is een prikkel voor oorlog, welvaarts- en welzijnsdaling kunnen ertoe leiden dat men levensruimte gaat opeisen, desnoods met genocidaal geweld jegens een zondebokgroep.

Het is een kardinale kwestie die om visie schreeuwt, maar verder heb ik er alleen Sybrand Buma (CDA) over gehoord. De leus van de CDA-campagne was dan ook 'voor een Nederland dat we door willen geven'. Buma kreeg uiteraard onmiddellijk het verwijt de racistische retoriek van de populisten te hebben overgenomen. (Overigens was het jammer dat het 'radicale midden', mijns inziens nog steeds een behartigenswaardige politieke koers, dit keer nauwelijks meer als campagneslogan werd gebruikt terwijl er juist nu zo'n behoefte aan was. Baudet wil zijn FvD als een middenpartij positioneren - misschien is er een vorm van samenwerking mogelijk.)
  De Buma's en Baudets waarschuwen voor de destructieve kracht van een migratiestroom van de geschetste proporties, de Anne Fleurs pleiten voor een 'grenzeloze solidariteit'. Beide visies kunnen geattaqueerd worden, maar dat gebeurt niet. Want het gaat nooit en nergens over de ideeën, de vergezichten, de inhoud, het gaat alleen over de buitenkant, de voorkant, de persoonlijke verdachtmaking en de radeloze en redeloze rancune. Na de casus Wierd Duk in de eerste maanden van 2016 is de casus Thierry Baudet daar het zoveelste moedeloos makende voorbeeld van.
  Telkens weer die tergende flauwekul over de pianofoto en het lavendelzakje, telkens weer die fixatie op 's mans uit de bocht vliegende hyperbolen. De stijl fungeert als alibi om niet op de achterliggende probleemstelling in te hoeven gaan. Nergens ook maar een serieuze overweging van de door Baudet in De aanval op de natiestaat geformuleerde 'derde wegen' van 'multicultureel nationalisme' en 'soeverein kosmopolitisme' bijvoorbeeld, of zelfs maar een beschouwing over de haalbaarheid van de door hem zo gewenste Nexit.
  Er zijn tal van redenen om eurokritisch, -sceptisch of zelfs anti-EU te zijn - de vechtscheidingmentaliteit jegens de Britten is het recentste voorbeeld -, maar laat ik de meest evidente noemen: zo lang men vrolijk doorgaat om het hele zootje maandelijks van Brussel naar Straatsburg te verplaatsen (kosten: meer dan honderd miljoen euro) vind ik het moreel pervers om niet tegen deze EU te zijn. Maar dat betekent niet dat een Nexit de oplossing is. Een serieus debat daarover wordt echter consequent bij voorbaat ondermijnd door botsende belangen, bangmakerij en ideologische dogma's.
  Dat was bij Fortuyn natuurlijk net zo: louter ophef over een interviewuitspraak, geëmmer over zijn avonturen in de darkroom, calvinistisch gefemel over zijn dandyeske gedrag en ego ('Ik word minister-president van dit land!'). Niemand heb ik toen gehoord over de mogelijke analytische waarde van Fortuyns metafoor van de 'verweesde' samenleving - hét kernidee van zijn denken - als verklaringsmodel voor de problematiek van een te snel ontzuilde moderne maatschappij, niemand over de ideologische en praktische potentie van zijn oplossingsvoorstel van een terugkeer naar de 'menselijke maat' - niemand. Ja, achteraf, toen het al te laat was, toen kwamen de serieuze studies, toen namen de andere partijen het gedachtegoed stilzwijgend over. Lees Zielloos Europa (1997). Alsof het gisteren is geschreven.

Vijftien jaar verder, maar niets geleerd. Weer komen de demoniseerders uit ivoren torens afgedaald en uit duistere holen gekropen. Dit is geen verdediging van Thierry Baudet, maar een aanklacht tegen de manier waarop het 'debat' in Nederland altijd weer moet worden gevoerd, een essay uit ergernis omdat hier blijkbaar niets van het recente verleden is geleerd.
  Een luttele twee zetels en alle alarmen in Deugdorp gaan af. Of zou het zo zijn dat de dorpsbewoners wel inzien dat FvD zo maar eens een factor van betekenis kan gaan worden in de toekomst? Wie weet, er is ook een gerede kans dat het voortijdig implodeert. Baudet is in ieder geval iemand die door roeien en ruiten gaat om iets te bereiken en dat is een manier die zowel respect afdwingt als angst inboezemt. 
  Val de politicus tot die tijd gerust aan hoor, maar op argumenten a.u.b., op de inhoud, en in het debat. Betoog dat zijn visie ongefundeerd is, zijn visioenen onhaalbaar zijn, zijn oplossingen onzinnig, of voor mijn part een averechts effect hebben, maar niet bij het minste of geringste dat het extreemrechts is en de visionair een fascist en een nazi en wat dies meer zij, want dan worden as we speak op muffe zolderkamers en in duistere kelders de messen geslepen, de kogels opgepoetst.
  Er is wel één belangrijk verschil met die omineuze jaren 2001-2002: waren het vijftien jaar geleden de politici (Melkert, Rosenmöller, De Graaf) die, weliswaar geruggensteund door bepaalde media- of mediafiguren (NRC Handelsblad, Job Frieszo, en natuurlijk Marcel van Dam als bruggenhoofd) voorgingen in de lugubere demoniseringsdans, daar gedragen de politici van vandaag zich over het algemeen een stuk fatsoenlijker en is het vooral het Gilde van de Kleine & Grote Meningen dat, ongetwijfeld ook vanuit een verstikkende distinctiedrang, een kabaal maakt dat zeer doet aan de oren.

Er zijn te veel columnisten, er zijn te veel twitteraars, er zijn te veel bloggers. Iedereen runt tegenwoordig zijn eigen open afdeling.
  P.F. Thomése hierover in 'Mijn reizen door cyberspace' (Verzameld nachtwerk, 2016, p. 37-38): 'Je ziet op het internet voortdurend dat de deelnemers het liefst zelf schrijven. Zelf het middelpunt zijn van dit onuitputtelijke universum. Die aanwezigheidsdrang, zeg maar gerust aanwezigheidsmanie verklaart ook de krankzinnige accumulatie aan "informatie". Iedereen schept zijn eigen helderheid, ieder hecht aan zijn eigen statements in dit uitdijend heelal vol uit hun baan geslingerde meteoren.'
  Een citaat als een mokerslag. En het noopt tevens tot zelfreflectie. Dit blog bestaat deze maand precies tien jaar, een myriade aan meningen, gedachten, aanzetten, probeersels, essays en andere opinies zijn cyberspace in geslingerd.
  Het begon ooit als een soort openbaar dagboek, maar door de jaren heen werd het persoonlijke vaker verruild voor het politieke, het anekdotische voor het analytische, het verslag voor de mening. De frequentie ging omlaag, de lengte van de stukken omhoog.
  Altijd was het met het doel helderheid te scheppen, voor mijzelf in de eerste plaats. Maar men wordt het ook een keer moe, en ik hecht ook niet zo aan mijn 'statements' - die overigens ook niet vrij bleven van ontmaskeringsdwang.
  Na 1340 blogberichten is het wel een keer mooi geweest, naar wij dachten.
  Bij dezen verontschuldig ik mij.

Geschreven 22-26 maart

dinsdag 6 september 2016

Zomergast Mark 'Pinokkio' Rutte

Zomergasten was ooit een gerenommeerd avondvullend programma waarin coryfeeën die waarlijk iets bereikt hadden in het leven de eer te beurt viel hun 'ideale televisieavond' samen te mogen stellen. Daar is bar weinig van over. Dit jaar mochten onder anderen een mooi weer spelende narcistische antisemiet en een gehypete schrijfster van een paar tenenkrommend onbenullige Vlaamstalige romans aanschuiven.
  De laatste aflevering was voor Mark Rutte, de zittende premier, nota bene aan de aftrap van de campagne voor de verkiezingen van 15 maart 2017. Normaal duurt een programma in de zendtijd voor politieke partijen maximaal drie minuten, nu dus drie uur.
  De premier vindt Het Bureau van Voskuil ook prachtig en hij controleert eveneens manisch of de deur wel op slot is, maar verder heb ik het strak door de spindoctors van de VVD voorbereide gekwebbel van de premier zondagavond met stijgende verbazing en rijzende ergernis aangehoord.

Nu hielp het ook niet dat de gespreksleider, Thomas Erdbrink, een regelrecht drama was. MH17, de radicale islam, Griekenland, het Oekraïne-referendum, de pensioenen, het schaamteloze 'sorry' zeggen van vorige week - alles liet hij liggen. En wie dan tegenwerpt: het ging nu toch om de persoon Mark Rutte, die is wel erg naïef.
  Menige voorzet werd door Erdbrink verprutst omdat hij zat te slapen. De frase 'onderste steen' viel zelfs een keer letterlijk, maar de interviewer greep dat moment niet aan om de premier aan de tand te voelen over zijn verregaande nalatigheid en gebrek aan daadkracht inzake de MH17-radarbeelden. Rutte gooide het snel op de emotionele tour, dat hij 's nachts moest janken als hij eraan dacht en zo - en hup, daar staarde Thomas alweer de verte in, schijnbaar in gedachten verzonken, om na een paar seconden zwijgen voor zich uit te prevelen: 'het volgende fragment dan maar...'
  Interviewer is ook een stiel, maar bij de VPRO denken ze klaarblijkelijk dat iemand die lof oogstte als vertegenwoordiger van het Iraans verkeersbureau dit varkentje ook wel moest kunnen wassen.

Toen Rutte, naar aanleiding van het schokkende fragment waarin Erdogan-aanhangers in Rotterdam een cameraploeg van de NOS molesteren, in een halfmislukte poging moreel leiderschap à la Aboutaleb te tonen het 'rot toch op' van de Rotterdamse burgemeester napapegaaide, toen vond Erdbrink opeens wél dat hij in moest grijpen. Hij kwam daarbij niet verder dan het volledig uitgekauwde 'en als het voetbalhooligans waren geweest?', drogreden numero uno van mensen die nog nooit een stadion van binnen hebben gezien. Naar welk land moeten die dan oprotten?
  De kwestie is dat deze Erdo-hooligans nog een ander land hebben waar ze zonder problemen terecht kunnen, waar ze klaarblijkelijk veel loyaler aan zijn en waar ze met open armen ontvangen zullen worden. Hier is van toepassing wat Theo Maassen ooit ongeëvenaard opmerkte over de moslim in Amerika die een dokter in elkaar had gebeukt omdat die zijn vrouw had behandeld: waarom gaat deze man niet gewoon weg, en dan niet als straf of zo, maar omdat er op deze wereld nu eenmaal plekken zijn waar hij, met zijn opvattingen, veel beter past.

Qua decorumverlies werd Rutte ook nog aan de tand gevoeld over zijn aanwezigheid bij het concert van De Toppers. Bach, Horowitz en dan De Toppers? Daar moesten we echter niet zo moeilijk over doen, hij had nu eenmaal een brede smaak. Nu bestaat er zoiets als de culturele omnivoor: iemand die zowel van hoge als lage cultuur kan genieten, van klassieke muziek én van popmuziek, die met evenveel plezier in het theater naar toneel kijkt als in het stadion naar sport - maar kom op, De Toppers, dat kunnen we toch geen omnivoorschap meer noemen, dat is geen verbreding van de smaak maar een afdaling in smakeloosheid.
  Er zat ook nog iets merkwaardigs in zijn affectie voor Het Bureau. Rutte zei dat hij die roman nu voor de derde keer aan het lezen was en dat hij het boek zo geweldig vond 'omdat er 5500 bladzijden lang niks gebeurt'. Dan heeft hij er dus al twee keer 5500 bladzijden lang geen kloten van begrepen. Hoezo gebeurt er niks in Het Bureau? Er gebeurt juist voortdurend van alles, veel meer zelfs dan in plot driven romans, waar in wezen uiteindelijk maar één ding gebeurt.
  Die kritiek, dat er niks in zou gebeuren, hoor je ook vaak over De avonden van Gerard Reve. Onterecht. Er gebeurt op elke bladzijde, in elke alinea, in elke zin zelfs voor wie goed herleest, duizelingwekkend veel.

Misschien typeert dat perspectief wel precies de politicus Rutte. Hij is iemand die van peilloze leegte en ledigheid zijn handelsmerk heeft gemaakt. Daarom laat hij alles maar op zijn beloop, zijn besluiteloosheid en smakeloosheid het alfa en omega van zijn beleid. Ik vraag Poroshenko niet om radarbeelden als aan mij niet wordt gevraagd dat te vragen. 'Daar kan ik niks over zeggen.' 'Daar kan ik geen uitspraken over doen.' Ik zeg geen Ja en geen Nee tegen het associatieakkoord, ik doe gewoon net of er niks is gebeurd.
  MP Rutte (dat 'MP' stond altijd voor 'Minister-President' maar inmiddels voor 'Mark Pinokkio') liegt en bedriegt zich met valse beloftes in 2012 het Torentje in, denkt vier jaar later met een eenvoudig 'sorry, mensen!' in De Telegraaf voldoende boete te hebben gedaan, en gelooft dan dat hij daarmee weer met een schone lei kan beginnen alsof er - als ware het Het Bureau in zijn ogen - al die jaren niets is gebeurd.
 Het is die aanmatigende houding, die volstrekte gewetenloosheid en minachting van de burger waarmee volgend jaar in maart keihard afgerekend dient te worden. Laat de kiezer dan ook maar eens zeggen: Rutte, rot op!

vrijdag 1 juli 2016

Brexit, de ctrl+alt+delete van de EU?

I
Hel en verdoemenis staan ons te wachten, althans volgens de onheilsprofeten die de Brexit met geheven vingertje als het begin van het einde van de beschaving voorstellen. De kelderende beurskoersen vorige week vrijdag werden gretig aangegrepen als het schokkende bewijs. Nu de beurzen luttele dagen later alweer gestaag in de lift zitten wordt dat als gegoochel met cijfertjes afgedaan en zou het echte leed zich elders, dieper in de economie manifesteren.
  Andersom werkt het trouwens ook zo. De fanatieke Brexiteers buitelden over elkaar heen om de betekenis van de dieprode cijfers te bagatelliseren, maar nu wijzen ze triomfantelijk naar de koersen en roepen om het hardst 'zie je wel! Niets aan de hand!'
  Zeker is dat niemand met zekerheid kan zeggen wat de Brexit gaat betekenen voor Groot-Brittannië en voor haar voormalige EU-partners. Historisch gezien is dit een situatie zonder precedent. Het ligt bovendien meer voor de hand dat de uiteindelijke betekenis, de ware impact van de Brexit niet zozeer door het vertrek van de Groot-Brittanniërs uit de EU zelf zal worden bepaald als wel door de politieke keuzes die beide partijen nu gaan maken qua hervormingsbeleid en qua invulling van de wederzijdse betrekkingen.
  Waar Farage, Johnson, c.s. direct pleitten voor kalmte en een geleidelijke losmaking, daar beloofden de eerste reacties vanuit bastion Brussel alvast weinig goeds. Daar lijkt men op een rancuneuze vechtscheiding aan te willen sturen.
  Zo'n Jean-Claude Juncker, dat is toch een verschrikking tot en met! Scheef onderuit gezakt in zijn stoel als Jan Mulder in zijn beste Barend & Van Dorp-dagen, kleinzielig fotografen belettend plaatjes te schieten van Farage, diezelfde Farage hautain vragend wat hij eigenlijk komt doen... Waarom stapt Juncker niet op? Dit is toch ook zijn nederlaag? Waarom krijgen ze hem niet weg daar, ter meerdere eer en glorie van de EU?
  Je kunt veel van David Cameron zeggen, maar hij beloofde de uitkomst van het referendum te respecteren, ook al was het raadgevend, en hield zich aan zijn woord. Daarmee toont hij zich overigens een veelvoud van een vent dan onze eigenste premier, die de uitslag van het Oekraïne-referendum niet opvolgt, maar ook niet naast zich neer legt - Rutte doet geen van beide, hij negeert het gewoon!

II
Er is de voorbije week veel gezegd en geschreven over de tweedelingen die door het referendum zichtbaar werden. Tussen hoog- en laagopgeleid, tussen het kosmopolitische Londen en de rest van het land, tussen jong en oud vooral. Jongeren stemden in meerderheid Remain terwijl ouderen voor een Brexit waren.
  De retoriek ging erg ver, tot op het pathetische af. De ouderen zouden de jeugd hun toekomst hebben afgepakt. Helaas vergaten velen er voor de eerlijkheid de opkomstpercentages tegenover te zetten: slechts 36% van de jongeren had de moeite genomen te gaan stemmen. De geëngageerde jongeren zijn dus eerder gepiepeld door hun luie of ongeïnteresseerde leeftijdsgenoten dan door de babyboomers.
  In een reportage van een tijdje geleden werden Britse jongeren en ouderen geïnterviewd. Wat toen opviel was dat de ouderen die aan het woord kwamen een beargumenteerde Brexit-stem gingen uitbrengen, gebaseerd op collectieve overwegingen, terwijl de jongeren niet in het landsbelang dachten maar individueel redeneerden en daarbij bovendien niet veel verder kwamen dan dat ze de privileges van vrij reizen niet kwijt wilden.
  Ook een commentaar dat na de Brexit 'viraal' ging ademde die sfeer: 'the younger generation has lost the right to live and work in 27 other countries. We will never know the full extent of the lost opportunities, friendships, marriages and experiences we will be denied.' Als de ouderen met de onderbuik hebben gestemd, hebben deze jongeren dan met hun hormonen gestemd? Zonder gekheid: die nadruk op 'experiences' is misschien wel typerend voor de individualistische (some say: narcistische) selfiegeneratie, die 'yolo' (je leeft maar één keer) als motto heeft. Wereldreis boven wereldwijs.
  Nieuwsuur had vrijdagavond een reportage waarin een jongere zijn teleurstelling uitsprak over het vertrek van zijn land uit de EU, want hij had over een paar jaar in Europa willen gaan studeren. Het Remain-kamp had hem - en vele van zijn generatiegenoten - blijkbaar wijs weten te maken dat dat alleen kan als je in de EU zit, wat natuurlijk flagrante onzin is.
  Verhofstadt, de oorlogshitser van de Maidan, brieste dat de Leave-campagne 'full of lies' was. Ontegenzeglijk waar, maar dat gold dus net zozeer voor het pro-EU-kamp. Men vergeet allicht dat in dit type referendum, met een verregaande reductie van complexe materie tot een binaire keuze ja of nee, beide kampen geneigd zijn zich over te geven aan simplificaties, verdachtmakingen en volksverlakkerij. Dat zagen we eerder al gebeuren bij ons Oekraïne-referendum en hetzelfde gebeurde ook in Groot-Brittannië. Zo blijken deze al te simpele ja/nee-referenda zich in de praktijk tot kleine informatieburgeroorlogjes te ontpoppen, en zoals in elke oorlog is het eerste wat sneuvelt de waarheid.

III
Wat is nu de belangrijkste les van de Brexit? Afgelopen zondag zag ik bij Het filosofische kwintet ene Melvin Schut, een onuitstaanbaar pedant mannetje maar wel een messcherpe analyticus. De Brexit was volgens hem het logische gevolg van de combinatie van een falende en van de werkelijkheid losgezongen EU-politiek enerzijds en de toename van nationalisme en patriottisme als reactie op de globalisering, die mensen de controle over hun leven doet verliezen, anderzijds. Die tendens kon alleen beteugeld worden door nu eindelijk eens af te stappen van het heilloze streven naar supranationalisme, waar de mislukte EU de monstrueuze belichaming van is, en vol in te zetten op intergourvernementalisme, de samenwerking tussen soevereine natiestaten zonder een overkoepelend politiek orgaan.
  De boodschap is inderdaad dat méér EU nu echt uit den boze is. Minder EU, of ten minste een ingrijpend andere EU is het devies.
  Schokkender dan de Brexit zelf was daarom dat de Eurocratische elite zich zo geschokt en overrompeld toonde door de Brexit. Ze hadden het totaal niet zien aankomen. Het is het hele probleem in een notendop: de antenne voor wat er leeft bij de burger staat finaal verkeerd afgesteld. Nu moet het ineens allemaal anders. Er wordt naar verluidt gewerkt aan een 'flexibele' EU: een tweesporenbeleid, met continuering voor landen die wel verder willen integreren en maatwerk voor landen die het allemaal te snel vinden gaan.
  Er moest eerst een belangrijke lidstaat voor sneuvelen, maar nu kan er opeens wel naar de burger geluisterd worden. Alle onvrede en ergernis, die al jarenlang gisten en borrelen maar stelselmatig geridiculiseerd of gewoon stug genegeerd werden, het is nu ineens wel relevant en urgent.
  Desalniettemin zagen we de hardleerse harde kern van de eurofielen - de Van Rompuys, de Junckers, ten onzent Pechtold en Klaver -, alweer het populisme als de oorzaak van alle ellende aanwijzen - in plaats van als het gevolg van falende politiek - en reflexmatig voor meer centralisering pleiten. Niet een stap terug dus, maar nog een reuzensprong verder. Want intergouvernementalisme en supranationalisme zijn de eerste twee treden van een drietrapsraket, met bovenaan nog het federalisme, het ultieme streven van de EU: zelf een nieuwe natiestaat worden, ter vervanging van de bestaande. De beruchte ever closer union.
  René Cuperus stelde in zijn commentaar in de Volkskrant terecht dat die mantra nu definitief bij het grof vuil moet worden gezet: 'We moeten stoppen met de fictie van de eenwording van Europa.' 'Om een Brexit-domino-effect te voorkomen is een reset van het Europese Project nodig.' Het is wel een aardige metafoor: de elites hebben geen band, geen connectie, geen verbinding meer met hun onderdanen. En als je geen verbinding hebt moet je inderdaad resetten. Dat kan door de zaak opnieuw op te starten - control alt delete. Maar vaker, zoals wij allemaal weten, werkt de rigoureuze methode uiteindelijk toch beter: de stekker eruit.

donderdag 20 november 2014

Zorgen

'Wie goed voor zichzelf kan zorgen, zorgt vaak ook goed voor de mensen om zich heen en daarin schuilt het bezielend verband in de samenleving.'
Dit zei Mark Rutte vorige week woensdag in zijn Kerkdijklezing in Den Haag.
Hij meent dat 'sterke en zelfstandige' mensen de samenleving als geheel sterker maken, dat ook de zwakkere, meer afhankelijke medemens baat heeft bij de zelfredzaamheid en het maatschappelijke succes van de sterken en zelfstandigen.
Ik heb me lang blindgestaard op de uitspraak, hem gewikt en gewogen, ingeschat op ironie, beproefd als provocatie, maar alles wijst erop dat Rutte het echt meende.
Heeft onze minister-president het misschien zo druk gehad sinds hij in oktober 2010 in het Torentje trok dat hij geen tijd meer vond om de kranten te lezen? Want als er iets de laatste jaren duidelijk is geworden, dan is het wel dat de mensen die goed voor zichzelf kunnen zorgen vooral goed voor zichzelf zorgen.
Bertje van der Roest en Coen van Veenendaal van de liefdadigheid, Rijkman Groenink en Sjoerd van Keulen van de banken, en natuurlijk Erik Staal en Hubert Möllenkamp van de woningcorporaties. Het rijtje kan moeiteloos aangevuld worden. De grote accountantskantoren. Imtech. Uiteenlopende functies, uiteenlopende sectoren, maar als gemene deler schaamteloze zelfverrijking.
Allemaal wisten ze vooral heel goed voor zichzelf te zorgen. Maar waar iemand als Van der Roest een graai uit de kas van de Straatkrant deed en daarmee gewoon een ordinaire dief is, daar zijn figuren als Groenink en Staal eerder gecorrumpeerd door het systeem waarin ze jarenlang actief zijn geweest, door de cultuur die ze zich eigen hebben moeten maken om te overleven. Ze lijken dan ook oprecht te geloven dat hen geen enkele blaam treft.
De parlementaire enquêtecommissie woningcorporaties concludeerde dat Staal bij Vestia 'prima voor zichzelf heeft gezorgd, geaccordeerd door de Raad van Commissarissen'. En ook Groenink was geen graaier op eigen houtje, hij voegde zich in een bestaand systeem waarin riante bonussen, te verzilveren aandelen en als gouden handdruk aangeduide oprotpremies de gewoonste zaak van de wereld zijn. De toorn die Groenink tentoonspreidt wanneer hij kritiek krijgt - van Coen Verbraak in Kijken in de ziel, van Jeroen Smit in De prooi - spreekt boekdelen. Hij wordt onheus bejegend, hij is zijn boekje nergens te buiten gegaan, de verontwaardiging moet zich op dat boekje richten, niet op hem.
De politiek slaagt er maar niet in het systeem structureel te veranderen. Toen minister Dijsselbloem een bonusplafond wilde invoeren waarbij de bonus die bestuurders uitgekeerd kunnen krijgen maximaal 20 procent van hun vaste salaris mag bedragen, kondigde ABN Amro prompt aan de vaste salarissen van zijn managers met 20 procent te verhogen. Een nieuwe golf van maatschappelijke verontwaardiging was het gevolg.
Rutte zat er vorige week naast. Het had moeten zijn: 'Wie goed voor zichzelf kan zorgen, zorgt vooral goed voor zichzelf en daarin schuilt het betonrot van de moderne samenleving.' En daarna had zijn visie moeten komen op hoe daar iets aan te doen. Maar die heeft hij niet. Daarom zegt hij ook 'bezielend' in plaats van het gebruikelijke 'bezield' verband. Goed voor jezelf zorgen is voor Rutte niet iets wat pas gedijt bij de gratie van een gedeeld belang, een gedeeld verhaal, een bezield verband dus, nee, het is er het sine qua non van.

vrijdag 31 oktober 2014

Naheffing

Toen bekend werd dat Nederland van Brussel een naheffing van niet minder dan 642 miljoen euro had ontvangen, hield het kabinet zich van de domme. David Cameron, premier van Groot-Brittannië dat 2,1 miljard moet overmaken, verkondigde meteen ferm dat zijn land in geen geval zal betalen, Mark Rutte stamelde alleen dat hij verbaasd was en dat hij eerst uitgezocht wilde hebben waarom dat bedrag zo hoog was.

Ook Jeroen Dijsselbloem draaide om de hete brij heen. De minister van Financiën schetste het bedrieglijk daadkrachtige beeld van een ambtenarenapparaat dat tot de bodem aan het uitzoeken was hoe de vork precies in steel zat, maar hij verklapte wel alvast dat als de cijfers klopten, Nederland gewoon zou betalen.

De volgende dagen ging het vooral over de onderlinge miscommunicatie en ongehoorde stunteligheid van de bewindslieden. Dijsselbloems ambtenaren bleken al een week op de hoogte van de naheffing, maar Rutte werd pas een week later op de hoogte gebracht. Wanneer de ambtenaren hun baas Dijsselbloem het slechte nieuws hadden verteld bleef helemaal schimmig.

Nederland blijkt de 642 miljoen euro te moeten betalen omdat het met onze economie eindelijk weer iets beter gaat, terwijl het in landen als Duitsland en Frankrijk juist driewerf kut is. Nivelleren is een feest, de Spekman-doctrine maakt ook in Brussel furore...

De reactie van Rutte en Dijsselbloem is intussen zo doorzichtig als wat. De geveinsde verbazing, de vermoorde onschuld, het is een vertwijfelde poging de populisten de wind uit de zeilen te nemen. In Den Haag weet men donders goed dat de burger nu niet bepaald optimistisch gestemd is over het Europese project, en met deze recalcitrantie wordt diezelfde burger stroop om de mond gesmeerd. Een dun laagje evenwel, want straks, als de storm is gaan liggen, worden die miljoenen natuurlijk gewoon netjes naar Brussel gegireerd.

Zou ook meegespeeld hebben dat Rutte en Dijsselbloem zelf ook een naheffing in petto hadden? Want de Kamer was nog niet uitgedebatteerd over de Brusselse acceptgiro of staatssecretaris Eric Wiebes, de buitenechtelijke zoon van Wim T. Schippers, kwam met de mededeling dat miljoenen Nederlanders een naheffing van de fiscus tegemoet kunnen zien vanwege geklooi met de heffingskorting.

De politieke werkelijkheid in een notendop: Den Haag ligt aan de leiband van het malafide Brussel, en u mag op uw beurt kromliggen voor het gehannes van Den Haag.

Of hebben onze leiders nu eens het goede voorbeeld gegeven? Als die naheffing straks op uw deurmat is gevallen - natuurlijk nadat u eerst een brief heeft ontvangen waarin wordt aangekondigd dat u een brief zult ontvangen over de naheffing -, laat de fiscus dan weten dat u 'onaangenaam verrast' bent, dat u de kwestie 'tot op de bodem gaat uitzoeken' en dat u voorlopig niet betaalt omdat het 'nog te vroeg is om op de uitkomsten vooruit te lopen'.

Als u toch bezig bent, vraag dan meteen lekker venijnig of we die miljoenen uit Bulgarije al terug hebben gekregen. Rebels als Rutte. En daarna gewoon betalen. Net als Rutte.

dinsdag 13 augustus 2013

Mark Rutte als taxichauffeur

De Noorse premier Jens Stoltenberg ging in juni van dit jaar undercover als taxichauffeur in Oslo. Uniform aan, zonnebril op, en karren maar. 'Ik vind het belangrijk om te horen wat mensen echt denken,' verklaarde Stoltenberg tegenover de BBC, 'en als er één plek is waar mensen zeggen hoe ze over zaken denken, is het in een taxi.'

Dat ligt in Nederland toch anders. Als er één plek waar je zeker niet moet zeggen wat je echt denkt, waar je je onderbuik zeker niet moet laten spreken, dan is het wel een hoofdstedelijke taxi. Daar is een verkeerde blik al genoeg om een ram voor je harses te krijgen. Daar stap je alleen in als je toerist bent of levensmoe.

Stoltenberg ging natuurlijk niet zomaar precies in juni van dit jaar in een taxi zitten. In september zijn er immers verkiezingen in Noorwegen. Politici maken wel vaker rare sprongen als de stembusgang naderbij komt. Het supportersforum van de club waar ik seizoenkaarthouder ben kreeg ooit, kort voor de gemeenteraadsverkiezingen, onaangekondigd bezoek van Lilian Marijnissen.

Dochterlief, SP-raadslid, wilde graag onze noden en wensen weten. Met groetjes en zo. Ik zal geen reacties citeren, maar ze rechtvaardigden in ieder geval één conclusie: als er één plek is waar supporters echt zeggen hoe ze over Lilian Marijnissen denken, dan is het het supportersforum.

Is het misschien ook een goed idee voor Mark Rutte, undercover gaan als taxichauffeur? Hij is zijn stokoude Saab gewend, dus grote kans dat hij de taxi net als Stoltenberg een keer laat afslaan. Een belangrijk verschil is dat Stoltenberg populair is bij de Noren, terwijl geen Nederlander Rutte nog pruimt. Ik weet niet of Mark Rutte wel wil horen hoe de mensen echt over Mark Rutte denken.

Dat heeft natuurlijk alles met de economische crisis te maken. Metro had eerder dit jaar een reportage over naar Noorwegen emigrerende Nederlanders, een ware trend. Hier loopt de werkloosheid almaar op en wordt de situatie steeds uitzichtlozer, daar is de werkgelegenheid zo groot dat men moeite heeft vacatures in te vullen. Noorwegen zit dan ook niet in de EU. De Nederlander als economische vluchteling in Noorwegen.

Intussen nadert Prinsjesdag met nieuwe onheilstijdingen. Er moet nóg meer bezuinigd worden, niet de verplichte 6 miljard extra van onze Finse gouverneur Olli Rehn maar zelfs 8 miljard extra. En tegelijk komt er een investeringsprogramma, want het volk moet wel gestimuleerd worden om meer uit te geven.

Marc Chavannes, de bedachtzaamste onzer columnisten, had het vorige maand al kernachtig verwoord: 'Méér bezuinigen en méér uitgeven, het is allebei geprobeerd, meestal tegelijk. Koopt u toch terwijl wij uw zekerheden snoeien.' We moeten optimistisch zijn, maar dat komt neer op dom gehouden worden. En dat kan niet in een mediacratie, waar de burger van alles onmiddellijk op de hoogte is.

Griekenland heeft toch meer geld nodig, meldde Der Spiegel deze week. Je verwacht het niet. Angela Merkel zou dit al langer weten maar het geheim hebben willen houden. Want er komen verkiezingen aan en de kiezer moet wel optimistisch blijven. Je verwacht het niet. 'Een optimist is een slecht geïnformeerde pessimist', wist Theo Maassen al in 2002 - en Merkel is zuiver in zijn leer.

'Oplossingen zijn het probleem niet', nog zo'n meesterlijk Maassen-aforisme. Chavannes: 'De Haagse politiek werkt altijd met Oplossingen. Oplossen is wervender dan analyseren van problemen. Haast is een van de universele nadelen van democratische politiek – er is altijd een herverkiezing aan de horizon. De factor tijd is een chronisch onderschatte factor. Hervormen duurt langer dan een politicus meegaat.'

Het is zelfs nog erger. Morgen komt het CPB met nieuwe cijfers over de economische vooruitzichten voor 2014. Die cijfers hebben één manco: de extra bezuinigingen van 6 miljard zijn er nog niet in verwerkt. De extra bezuinigingen die dus al niet meer actueel zijn, want dat worden er 8 miljard. Het CPB loopt twee ronden achter. De factor tijd is een over de kop geslagen factor.

Chavannes vraagt zich af: 'Is de implosie van het kabinet-Rutte II te voorkomen? Alleen als betrokkenen ophouden te doen alsof.' Vanmiddag onthulde een Noorse krant dat sommige van Stoltenbergs passagiers geld is toegestoken om mee te doen, zogenaamd spontaan. Misschien moeten we maar hopen dat Rutte-II niet valt, want als dat gebeurt komen er nieuwe verkiezingen. En met een herverkiezing aan de horizon doet de politicus klaarblijkelijk het meest alsof en is hij het minst te vertrouwen.

woensdag 12 juni 2013

Guus Meeuwis; of Bijziend optimisme

I

Vandaag bezochten mijn kersverse vorst en vorstin, Willem-Alexander en Máxima, Koning en Koningin der Nederlanden, in het kader van hun provinciebezoeken Limburg en Brabant. Anderhalve maand geleden woei er rond de troonswisseling een vlaag van optimisme door het land. Minister-president Mark Rutte hoopt ongetwijfeld dat het Koningspaar met deze kennismakingstournee nogmaals de positiviteit weet aan te wakkeren.

Van premier Rutte moeten we immers maar eens een keer ophouden met al dat gejammer en gesomber en gemopper. Het aantal werklozen is opgelopen tot een recordhoogte van 650 000 beklagenswaardige mensen, maar Rutte vindt al dat geklaag maar schadelijk voor de economie. We moeten een nieuw huis kopen! riep hij onlangs bij Nieuwsuur. Een nieuwe tv! En een nieuwe auto!

Mark Rutte dreigt een beetje het debiele neefje te worden van Edwin Rutten, die als Ome Willem aan een groep kinderen vroeg: 'Jullie wonen in een huis. Hebben jullie al een tafel thuis?' Mark Rutte denkt dat de gemiddelde Nederlander ook zo'n kleine rakker is die alles voor zoete koek slikt. Maar de gemiddelde Nederlander heeft heus wel door dat Rutte zoete broodjes poep bakt. Of dat hij poep praat - voor de huidige jongeren.

Het lijkt een traditie te worden, dat gesmeek van onze politieke leiders om goede zin bij het volk. Balkenende begon er in 2006 mee met zijn befaamde speech tijdens de Algemene Beschouwingen: 'Laten we blij zijn met elkaar! Laten we optimistisch zijn!' Dat hij er vervolgens bij gebrek aan directe respons de VOC bij haalde en zijn oproep besloot met een vertwijfeld 'Toch!?' maakte zijn appèl er niet sterker op.

II

Dat waren andere tijden... Terug naar de onze. Het provinciebezoek werd vandaag afgesloten met een optreden van Guus Meeuwis op de Markt in 's-Hertogenbosch. Meeuwis, de Brabantse bard. De bebrilde troubadour. De man die in elk nieuw liedje moet laten weten dat hij vrienden heeft. Mijn medelijden met de Koninklijke familie is dan ook groot in dezen. Guus Meeuwis is onderhand een soort muzikale waxinelichtgooier geworden.

In april was hij al een van de hoofddaders van het Koningslied, en tijdens het vorige WK voetbal viel hij, samen met Youp, Koningin Beatrix lastig met een idioot verzoekschrift. Of de majesteit 'volgende week wat tijd' wilde vrijmaken, om de spelers een lintje te geven en zo. En of ze dan wel zo'n Bavaria-jurkje wilde aantrekken. En ze moest ook niet zo zeiken, Bea, dat alles op z'n Duits werd gewonnen: 'Majesteit stop toch eens met dat verwijt.' Hij ging nog dreigen ook, Guus, want als ze niet naar hem luisterde, de majesteit, 'dan ben jij je baantje kwijt'.

In Brabant barst het van de begenadigde zangers en liedjesschrijvers. Maar wie wordt er steeds weer tot bovenbaas gebombardeerd? 't Is Guus. De pest is dat Brabant nooit een officieel volkslied heeft gehad. In 2007 diende de hoofdredacteur van een regionaal dagblad daarom het verzoek in Guus zijn 'Brabant' tot officieel volkslied te promoveren. SP en CDA lagen dwars. Uit een poll bleek dat tweederde van de Brabanders vóór was. Toen was de SP ineens ook voor. Op een provinciale commissievergadering kwam Guus vervolgens maar twee stemmen tekort. De dreiging is echter nog niet geweken.

Het moet daarom maar eens gezegd: 'Brabant' ís geen liedje over Brabant. Als 'Brabant' verwoordt wat het betekent Brabander te zijn, dan gaat 'Ademnood' van Linda, Roos & Jessica over wat het betekent longpatiënt te zijn. Feitelijk het enige wat er Brabants is aan 'Brabant', is de titel. Ten eerste is 'Brabant' volledig in een ander dialect opgesteld: het ABN. En inhoudelijk is Brabant alleen decor, en eigenlijk zelfs dat niet eens. 'De Peel en de Kempen en duuhh Meierij', schmiert Guus. Lekker makkelijk, even snel wat regio's opsommen. ('Rivierenland, Stedendriehoek en duuhh Veluwe, daarom wil ik in Gelderland huwe.')

Want wat is er mooi aan Brabant? 'Dat ben jij, dat ben jij.' Niks schoonheid van natuur en cultuur, Guus is gewoon geil. 'Was men maar op Brabant zo trots als een Fries' zingt hij ook nog, de ketel verwijtend. Ik ken geen enkele Fries die trots is op Brabant. Maar Guus gaat er jaarlijks heen om in Heerenveen te zingen over Brabant. En tienduizend Friezen doen dan lekker mee. Zou het andersom ook gebeuren als een Fries in Eindhoven het 'o Fryske grûn!' komt schallen? De vraag stellen is hem beantwoorden.

Het toont precies mijn hele punt aan: dat hele 'Brabant' is gewoon een populaire Nederlandstalige meezinger, een dertien-in-een-dozijn liefdesliedje, de grootste gemene deler met een zachte g, een typisch voorbeeld van de houd-er-de-moed-maar-in liedjes waar Guus het patent op heeft. Zoetsappiger dan aanmaaklimonade, o wat zijn wij heden blij. Lekker 'met zonder jas' naar buiten. Met vrienden, had hij dat al gezegd?

III

Guus moet de Koning en de Koningin maar eens met rust laten en in dienst treden van premier Rutte. Twee bijziende optimisten. En dan maar gezellig samen het volk een nieuw huis aansmeren, in Brabant of zo. Heeft Guus er ook meteen weer een vriend bij. Of is dat te optimistisch gedacht?

dinsdag 30 oktober 2012

Rutte-II? Pechtold-I!

Mark Rutte en Diederik Samsom zijn sneller in het huwelijk getreden dan een verliefd koppel in LA.
Ook de ministers werden razendsnel benoemd. Voor Stef Blok, die buiten de boot dreigde te vallen, werd zelfs een hele nieuwe ministerspost gecreëerd.
En zo kan het nieuwe kabinet volgende week al op het bordes van Huis ten Bosch staan. Rutte-II gaat dat dan logischerwijs heten.
Maar eigenlijk is dat een misleidende naam. Juister zou zijn: Pechtold-I.
Wanneer we namelijk de belangrijkste punten uit het regeerakkoord onder de loep nemen, dan ondergaan we een merkwaardige sensatie: het is alsof we het verkiezingsprogramma van D66 lezen.
Wellicht vraagt u zich nu af: D66 een verkiezingsprogramma? Is dat geen contradictio in terminis? Een terechte vraag. 'D66' was de laatste jaren immers nog slechts de naam waaronder Alexander Pechtold & Co. Voor al uw Wildersbestrijding actief was.
De antiWilderspartij bleek echter ook, diep verborgen, eigen ideeën te hebben, die werden neergepend in een programma getiteld 'En nu vooruit.' En die ideeën worden nu in concrete maatregelen omgezet:
Rutte-II wil 16 miljard bezuinigen, keurig binnen de 15 à 20 miljard uit het D66-verkiezingsprogramma.
Rutte-II kleedt de AWBZ uit, alleen de noodzakelijke zorg wordt nog vergoed, precies zoals D66 het wil: 'De zorg wordt vergoed. Wonen en service worden niet uit het collectief gefinancierde AWBZ-budget betaald, maar zijn net als in andere fases van het leven voor eigen rekening.'
De nationale politie, het afschaffen van de wietpas, geen boerkaverbod - met een uitzondering voor bepaalde functies en beroepen -, een kortere WW en uiteraard investeringen in 'duurzame economie': allemaal wat Alexander wil.
En wat te denken van de onderwijsparagraaf: het afschaffen van de basisbeurs, de invoering van een sociaal leenstelsel, het vrijgekomen geld investeren in de kwaliteit van het onderwijs, dat is toch gewoon gecopy-pastet uit het D66-programma!: 'D66 wil de basisbeurs vervangen door een sociaal leenstelsel en de vrijgekomen gelden investeren in verbetering van de kwaliteit van het onderwijs.'
De VVD heeft zelfs haar stokpaard moeten slachten: de hypotheekrenteaftrek wordt door Rutte-II eindelijk aangepakt, de burger wordt als tegenprestatie gecompenseerd met een verlaging van de inkomstenbelasting. D66: 'Wij beperken de hypotheekrente-aftrek' en de 'opbrengsten worden gebruikt om de inkomstenbelasting te verlagen.'
Enzovoort, enzovoort, en zo verder.
Dan heb ik de belangrijkste thema's echter nog niet genoemd. D66, dat is bovenal de bestuurlijke hervormingspartij, en de pro-Europa-partij.
Bestuurlijke hervorming en Europa, net de twee onderwerpen in het akkoord die het minst belicht worden, terwijl ze misschien wel het ingrijpendst zijn.
Neem die schandelijke bestuurlijke afbraak: rücksichtslos worden provincies samengevoegd. D66: 'Bezuinigd wordt er op bestuur door de transitie naar minder provincies en gemeenten'. Alstublieft.
Europa dan, het meest doodgezwegen onderwerp. Maar er kan geen twijfel over bestaan: Rutte-II is een pro-Europees kabinet. Een Europese bankenunie en een Europese toezichthouder op de bankensector worden ondersteund. D66: 'D66 wil dat deze maatregelen worden ingebed in toezicht en regelingen op Europees niveau ("Bankenunie").'
Bovendien zitten er twee PvdA'ers op de 'Europese' posten: Frans Timmermans vervangt Oeri Roosendaal op BuZa. Timmermansje, die zich meer Europeaan voelt dan Nederlander. Zo iemand kun je niet serieus nemen.
En Jeroen Dijsselbloem op Financiën. Zwaargewicht Jan Kees de Jager, die nog wel eens ergens voor wilde gaan liggen in Brussel, wordt nu dus vervangen door een buigzaam Dijsselbloempje.
Dat wordt urenlang koffie drinken met Martin Schulz.
Rutte en Samsom hebben niet voor compromissen gekozen maar voor keiharde uitruil. Met als resultaat dat in dit akkoord noch het stempel van de VVD, noch dat van de PvdA te herkennen valt. Dat is blijkbaar hoe rekenen in de politiek werkt: VVD plus PvdA gedeeld door twee = D66. Met die uitkomst feliciteren wij Alexander Pechtold.
Geen wonder dat het zo stil is uit de hoek van de Democraten66. Roemer, Wilders, Buma, ze buitelen over elkaar heen met snoeiharde kritiek op het akkoord. Pechtold murmelt alleen wat over iets te weinig investeringen in onderwijs, verder houdt hij wijselijk zijn mond en ontkurkt in stilte de champagne.
Eén lichtpunt zie ik toch nog wel: Pechtold is niet de formele minister-president. Hij zal niet wekelijks op gesprek komen in EenVandaag, hij wordt niet hét gezicht van Nederland. En daarmee feliciteren wij Nederland.

maandag 17 januari 2011

Mark Rutte en de hardwerkende Nederlander

Femke Halsema liet de voorbije maanden te pas en te onpas weten dat ze Mark Rutte een verbetering vond ten opzichte van Balkenende. Van de nieuwe premier kreeg ze tenminste antwoorden op haar vragen en hij sprak daarbij duidelijke taal. Na acht jaar het wollige discours van Balkenende een ware verademing.

Vriend en vijand prijzen Rutte om zijn verbale kwaliteiten. Hij is iemand die zijn product aardig weet te verkopen. Dat is niet zo gek, aangezien de vlotte babbel in de mediacratie een machtig wapen is. Rutte hapert niet, geeft snel en met overtuiging antwoord en omzeilt lastige vragen met speels gemak.

Gisteren stond hij voor zijn meesterproef. In Buitenhof vond Rutte Clairy Polak tegenover zich, de koningin van het interview. Een uur lang werd de minister-president ondervraagd over de eerste honderd dagen van zijn kabinet en zeker ook over alle dagen die nog moeten volgen. Het eerste halfuur hield Rutte zich moeiteloos staande, maar na de pauze wist Polak hem dan eindelijk het vuur na aan de schenen te leggen. En dan blijkt al snel dat de volzinnen van de premier drijven op een zak lucht die makkelijk door te prikken is.

Een van Ruttes stokpaardjes is 'de hardwerkende Nederlander'. Daar draait alles om, die Nederlander zal maximaal profiteren van zijn beleid. Wie hoort er dan niet bij die groep hardwerkende Nederlanders, vroeg Polak terecht. Rutte had er geen pasklaar antwoord op. Dat zijn de mensen die niet hard werken, wist hij nog quasi-gevat te repliceren. Hij zal er ook niet gauw een inhoudelijk antwoord op kúnnen formuleren. Zijn hele beleid is er immers op gericht de economie te redden en de staatsschuld terug te dringen ten koste van de werkers.

Er zijn duizenden mensen met een uitkering die best aan het werk kunnen, meent Rutte. Akkoord, iedereen kent uit zijn omgeving wel de typische profiteur die niks mankeert en maximaal gebruikt maakt van de zwakke plekken van ons sociale stelsel. Het is goed dat men zich gaat inspannen deze mensen weer de handen uit de mouwen te doen steken. Maar wat heeft het voor zin met veel pijn en moeite mensen terug de arbeidsmarkt op te krijgen als aan de andere kant drie keer zoveel mensen hun baan noodgedwongen verliezen vanwege opgelegde saneringen en averechtse maatregelen?

Neem de boete voor langstudeerders. Wie meer dan een jaar langer over zijn studie doet moet een paar duizend euro bijleggen. Akkoord, een prima stimulans om er vaart achter te zetten en bovendien meer aansluitend bij de positie van studenten in omringende landen. Maar daar blijft het niet bij. Ook de onderwijsinstelling krijgt namelijk een boete opgelegd. Dat zal vanaf 2012 naar verwachting zo'n 2500 hardwerkende docenten en hoogleraren hun baan kosten. En we kennen allemaal het voorbeeld van de politie. Meer veiligheid is een speerpunt van Rutte. Er moesten dan ook 2500 agenten bij. Dat dan even later blijkt dat er door alle bezuinigingen en omscholingen ook 3000 hardwerkende agenten moeten verdwijnen, is een schrijnend voorbeeld van hoe de VVD tegen de economie aan kijkt.

In Buitenhof had Rutte nog zo'n doorzichtig voorbeeld. Dit kabinet gaat ervoor zorgen dat onze loonstrookjes eenvoudiger worden. Daarmee wordt flink bespaard op de belastingdienst, die met minder mensen af kan. Dat zijn wel weer een paar duizend 'hardwerkende Nederlanders' die door Rutte het harde werken worden ontzegd. Maar hij ziet alleen de economische besparing die het oplevert. De voorbeelden zijn legio. Rutte houdt ons een vette worst voor, maar achter onze rug gaat hij er met de halve voorraadkast vandoor.

Het is overigens wrang dat veel van de mensen die het zwaar krijgen onder Rutte hem juist in het zadel hebben geholpen. Vele arbeiders en middenstanders hebben VVD gestemd als 'beschaafd' alternatief voor de PVV, niet voldoende beseffend dat de VVD een partij voor de welgestelden is en blijft.

Geen wonder dat Femke Halsema moeite had haar bewondering voor Rutte te verbergen. De premier staat een liberale economische politiek voor die Halsema wel kon bekoren. Jammer alleen dat ze de mooie praatjes van Rutte verwarde met het heldere geluid van een charismatisch man. Geef mij dan maar Balkenende en Donner. Twee politici met het charisma van een paprika, maar wel de drijvende krachten achter de deeltijd-ww, om maar eens iets goeds van de vorige regering te noemen. Een maatregel die door zowel werkgever als werknemer positief ontvangen werd en die ervoor heeft gezorgd dat vele arbeiders nog steeds tot de categorie van de hardwerkende Nederlander behoren.

woensdag 2 juni 2010

Wijze mannen en vrouwen

In veel commentaren en columns wordt smalend geschreven over het alsmaar toenemende belang van de ‘kop’ van de lijsttrekker. De inhoud zou er niet meer toe doen, de partij zelfs niet meer, de persoonlijkheid van de leider zou de bepalende factor zijn geworden. Het is allemaal begonnen met het befaamde kontje van Wouter Bos. Dat contrasteerde enorm met de Harry Potter look van premier Balkenende. Je kunt inderdaad vraagtekens plaatsen bij de transformatie van de politiek tot een parlementair Idols.
Toch is deze ontwikkeling niet helemaal onbegrijpelijk, en ook niet onwenselijk. Want wat zijn partijprogramma’s nog waard? Niet alleen veranderen ze bijna dagelijks, ze staan ook boordevol vaagtaal en ontwijkend taalgebruik. Daarnaast is ons politieke systeem zo ingericht dat er na verkiezingen stevig onderhandeld moet worden om een meerpartijencoalitie te smeden. Elke partij moet daarbij concessies doen, bereid zijn afstand te nemen van bepaalde programmapunten teneinde andere speerpunten te realiseren. Het gaat er dan om welke lijsttrekker je als kiezer het meest realistisch, het meest pragmatisch, het meest geschikt acht voor dit politieke proces.
Wie is in staat de juiste balans te vinden tussen pal staan voor de ideeën en oplossingen van zijn of haar partij enerzijds en polderen om het land bestuurbaar te houden anderzijds? Volgens mij sluit deze houding ook uitstekend aan bij het originele idee van democratie: het kiezen van een wijze man (of tegenwoordig vrouw) die jij het besturen van het land, het nemen van beslissingen in jouw naam, vier jaar lang toevertrouwt.

Het gaat slecht met Jan Peter Balkenende en het CDA. Tenminste dat melden de media. ‘Partijprominenten’ schijnen het vertrouwen in de leider te hebben verloren, maar namen worden niet genoemd.
Balkenende is nog altijd een betrouwbare politicus, iemand wie je met gerust hart vier jaar lang het landsbestuur in handen durft te geven. Balkenende is verbaal sterk, inhoudelijk ongeëvenaard en hij lijkt te beschikken over de juiste politieke mentaliteit van gepassioneerd je politieke idealen uitdragen en tegelijk alle opties openhouden om een stabiele coalitie te formeren. Het is schrijnend dat andere politici juist in dat laatste opzicht de afgelopen acht jaar zijn vertrouwen hebben beschaamd waardoor nu het beeld is ontstaan van een ruggegraatloze christendemocraat die met vier kabinetten vier keer de eindstreep niet heeft gehaald.
Zeer problematisch voor 9 juni is dat Balkenende heeft laten doorschemeren dat het voor hem alles of niks is: óf hij wint en wordt weer premier óf hij wint niet en verdwijnt dan uit de politiek. Dat laatste is een schrikbeeld. Wie moet hem in vredesnaam opvolgen? Er stonden twee potentiële kroonprinsen klaar, maar de een is uit de politiek omdat hij vaker bij zijn vrouw wilde zijn en de ander moest uit de politiek omdat hij juist te weinig bij zijn eigen vrouw was. Nu worden al de namen van Ank Bijleveld en Ab Klink genoemd. Een nogal kleurloos lichtgewicht en een minister die er niet eens in slaagt het rookverbod te handhaven.
Balkenende gaat onverstoorbaar door, hij is zelfverzekerder, losser en strijdbaarder dan ooit. Maar als partijgenoten de hijgerige mediaberichten over een partijcrisis al niet overtuigend tegen willen spreken, dan vrees ik het ergste.

Ook bij de VVD is er sprake van die merkwaardige combiantie van een zelfverzekerde leider en potentiële opvolgers die naar voren worden geschoven, in dit geval maar meteen kandidaat-premiers. Mark Rutte ligt een straatlengte voor in de peilingen, maar dat ligt eerder aan zijn partij dan aan Rutte zelf.
De VVD doet het nu eenmaal altijd goed als er bezuinigd moet gaan worden en veel mensen zien in de liberalen eindelijk dat beschaafde, van de radicale en schreeuwerige elementen ontdane alternatief voor de PVV. Rutte is bepaald geen partij voor Wilders, hoe hard hij ook probeert diens harde woorden te imiteren. Dat harde toontje als het om immigratie en integratie gaat is lichtelijk vervreemdend als je bedenkt dat hier een 'linkse' VVD'er aan het woord is en dat de partij met het verkiezen van Rutte boven Verdonk een duidelijk keuze had gemaakt maar nu, onder electorale druk waarschijnlijk, in feite de koers-Verdonk vaart.
Maar ook Rutte is dus niet onomstreden. Verschil met het CDA is dan weer dat hier wél twee zwaargewichten de plaats van Rutte kunnen overnemen, althans dat is de heersende opinie. Ik heb daar mijn twijfels bij. De stamelende kakkineuze Ivo Opstelten heeft zo mogelijk nog minder charisma dan Rutte. Aan charisma ontbreekt het Neelie Kroes dan weer niet. Maar wat weten we nu verder van haar? Ze is al jaren weg uit Nederland en zit kniediep in de Europese en mondiale zaken. Kroes is zo populair in Nederland omdat ze als de sterke vrouw wordt gezien die heldhaftig het gevecht aangaat met de multinationals, de heldin die strijdt tegen het kwaad dat huist in duistere bankgebouwen. Maar miljoenenboetes uitdelen aan kapitalisten is wat anders dan een miljardentekort op een humane manier terugdringen.

Leiderschap staat opeens overal ter discussie, zelfs in de eenmanszaak van Geert Wilders is er rumoer. Gek genoeg heeft dat geen negatieve invloed op het beeld van Wilders. Als er één lijsttrekker is bij wie je zeker bent dat je stemt waar je op stemt, dan is het Wilders wel. Hij staat al vier jaar voor dezelfde standpunten en berijdt nog immer dezelfde stokpaardjes. Zelfs in een discussie over de zorg wist hij feilloos het begrip ‘islamisering’ in te passen.
Je ziet wel dat een deel van zijn achterban dat uitgekauwde verhaal wel zo’n beetje beu is. Wilders denkt: anti-Islam = media-aandacht = electoraal gewin. Hij vergeet echter dat in de mediacultuur iets fris en nieuws plotseling passé en ‘oud’ kan zijn. De tweede eigenschap van de hedendaagse politieke persoonlijkheid, het pragmatische, ontbreekt bovendien geheel bij Wilders. Hij zal nooit inbinden, polderen komt in zijn vocabulaire niet voor en een stem voor de PVV is dus altijd een tegenstem. (Een stem voor Hero Brinkman is dan weer een tegentegenstem.)

De anti-Wilders Alexander Pechtold zit stevig in het zadel. In de peilingen is de partij weer nagenoeg terug bij af. Want Wilders’ repetitieve oneliners mogen dan langzaamaan hun kracht verliezen, ook van Pechtold wil de kiezer weleens een eigen geluid horen in plaats van dat naoorlogse verzetsverhaal.
D66 heeft natuurlijk altijd die ijzersterke troef dé onderwijspartij te zijn. Tegelijkertijd is er nog altijd dat stigma van een besluiteloze, schipperende partij. 'Als je op alle vragen in de stemwijzer "neutraal" invult, krijg je D66 als advies," dat idee. Het is niet eens waar, je krijgt dan de SGP als advies, maar dat deze mythe zo hardnekkig voortleeft, spreekt boekdelen. (Overigens krijg je D66 als advies wanneer je bij elke stelling op 'eens' klikt; een partij die het met alles eens is, dat is misschien wel erger dan het met alles eens noch oneens zijn.)
Als leider zit Pechtold stevig in het zadel. Dat is geen wonder na de debacles van Boris Dittrich en Lousewies (wie-is-Lous?) van der Laan. Pechtold heeft het imago van een uitstekend debater en een intelligente politicus. Een oase van bedachtzaamheid in een woestijn van roeptoeters. Toch vind ik dat hij af en toe iets te veel de getapte jongen acteert. Op een vraag van BNN hoeveel een halfje wit kost, antwoordde Pechtold met de tegenvraag of ze misschien een envelopje cocaïne bedoelden, dat werk. En in de kwestie rond Jack de Vries riep hij heel libertair dat het anno 2010 niet meer past iemand aan te vallen op zijn ontrouw en buitendedeurse activiteiten.

De grote man op links is Job Cohen. Ik heb er geen geheim van gemaakt dat ik het wel zag zitten in Wouter Bos, de politicus die de potentie had de schizofrene PvdA te hervormen tot een bijdetijdse partij. Cohen is een stap terug, iemand van de lichting Ad Melkert. Oude wijn in nieuwe zakken. Cohen is ongetwijfeld een vriendelijke, wijze man, maar een mantra als ‘de boel bij elkaar houden’ vind ik – hoe oneindig beschaafder ook – even demagogisch en leeg als ‘een einde maken aan de massa-immigratie’. Het zijn beide loze kreten, die van Cohen omdat die ten onrechte uitgaat van een bestaande situatie van gemeenschapszin en die van Wilders omdat die ten onrechte veronderstelt dat een gesloten grens de gemeenschapszin kan bevorderen.
Cohen is een uitstekende burgemeester van Amsterdam geweest, hoor je aanhangers zeggen. Dat lijkt me nu juist geen enkele garantie. Alsof Amsterdam als pars pro toto dienst doet. Een van de grote misverstanden is dat Amsterdam representatief is voor Nederland. Amsterdam lijkt juist helemaal niet op de rest van Nederland. Bijna alle partijen maken zich overigens schuldig aan de opvatting dat Nederland de Randstad is. Die oprechte verbazing elke keer weer als blijkt dat zoveel mensen in ‘de’ provincie op het CDA hebben gestemd, vin-je-‘t-gek?
Cohen heeft het zwaar in de debatten. Het beeld van de stotterende, bloednerveuze PvdA-leider was bijna meelijwekkend. Hij legt het duidelijk af tegen Pechtold en Halsema maar is toch het boegbeeld op links. De vraag is of hij die ongewilde druk aankan.

Wie steeds onweerstaanbaarder wordt, is Femke Halsema. De voorvrouw van GroenLinks is zo iemand voor wie ook de aanhangers van andere partijen wel een zekere sympathie koesteren, met uitzondering dan van de radicaalste PVV’ers. Halsema ís GroenLinks geworden. Het is dat ze zo frêle is, want anders zou je haar zonder moeite een politieke mastodont kunnen noemen.
GroenLinks is van oudsher een protestpartij en dat recalcitrante zit er nog steeds wel in. Het is dan ook moeilijk voor te stellen hoe Halsema en de haren zich in het establishment gaan vestigen. De manier waarop Halsema de toenaderingspoging van Balkenende hooghartig van de hand wees, laat zien dat het oppositionele inmiddels diepgeworteld zit in de partij.
Niemand toont beter aan hoe de mediacratie werkt dan Emile Roemer. Van onzichtbare, charismaloze nobody naar man-in-vorm door twee geslaagde grapjes (net DWDD gekeken – het zijn er inmiddels vijf). En meteen maar twee zetels winst voor de SP - wie zijn in godsnaam die mensen die nu ineens zeggen op Roemer gaan stemmen?
Roemer heeft zekere raakvlakken met Jan Marijnissen. Dezelfde minzaamheid, dezelfde gewoonheid. Maar hij mist de uitstraling van Marijnissen. Roemer is een ‘goeie kloot’, iemand die je altijd kunt bellen als je een vlagger nodig hebt op zondagochtend, maar hij is geen hoofdcoach die met een bevlogen speech iets teweegbrengt.

Dan is er nog André Rouvoet. Iemand die helemaal samenvalt met zijn partij: zelfbewust, volwassen, geen buil aan te vallen. De ChristenUnie leent zowel links als rechts ideeën en standpunten om daar vervolgens een ‘light’-versie van te presenteren, met een ethisch-christelijk sausje. Alleen die homo's, daar kan Rouvoet maar niet aan wennen.
De SGP heeft Kees van der Staaij. Voor het eerst geen Bas van der Vlies meer. Van der Vlies had altijd die merkwaardige combinatie van wereldwijsheid en wereldvreemdheid. Een baken van bedachtzaamheid en verstandigheid en tegelijkertijd een grote onwetendheid van wat er in de wereld van nu te koop is. Van der Staaij mist vooralsnog het overwicht en de autoriteit van Van der Vlies, maar aan die twee zetels zal voorlopig niks veranderen, dus who cares.

Tot slot zijn er nog twee buitenbeentjes, twee kruidenvrouwtjes die niet minder wereldvreemd zijn dat nestor Van der Vlies. Rita Verdonk met haar trieste ‘beweging’ Trots op Nederland die maakt dat je je positieve gevoelens voor Nederland angstvallig verborgen houdt. Verdonk maakt zich steeds belachelijker met haar pijnlijk strijdbare mediaoptredens. Steeds maar weer die quasi-onaantastbare blik in de camera, die overtuiging met een goed, succesvol project bezig te zijn terwijl iedereen al van mijlenver kan zien dat het niks is en ook nooit iets zal worden, je wordt er niet goed van.
Ook Marianne Thieme met haar ridicule Partij voor de Dieren slaat een pleefiguur. Slechts twee personen in de Kamer en dan nog er bijna in slagen de partij op te blazen door onvermurwbaar een eigen koers te willen varen. Maar het schijnt dat Paul McCartney de nieuwe lijsttrekker van de PvdD wordt...

zaterdag 15 september 2007

Nummers 1 en nummers 2

Nummers 1

Rutte
Mark Rutte, nummer 1 van de VVD, besloot vrijdag Rita Verdonk uit de fractie te zetten. Na herhaaldelijke botsingen was de maat voor Rutte vol. Verdonk had te vaak laten blijken dat zij eigenlijk de leider van de VVD had willen zijn en in een krampachtige poging zijn eigen leiderschap te bevestigen wees Rutte Verdonk de deur. Ik denk dat hier meer achter zit dan alleen een ordinaire machtsstrijd. Rutte, en de VVD in het algemeen, werden in toenemende mate bedreigd aan de rechterkant door de PVV van Wilders. Die was de liberalen in de peilingen inmiddels voorbijgestreefd. Door Verdonk weg te sturen en haar zo indirect een eigen partij op te laten richten hoopte Rutte het electoraat van Wilders te splitsen, zodat de meest rechtse partijen elkaars zetels zouden betwisten. Beter twee kleintjes dan één grote, zogezegd. Belangrijke voorwaarde daarbij was dat de VVD zélf niet teveel kiezers zou verliezen aan Verdonk én dat er veel kiezers 'terugkeerden' die vanwege Verdonk van de VVD vervreemd waren geraakt. Het plan lijkt faliekant te mislukken. Verdonk blijkt populairder dan gedacht binnen VVD-kringen en zal de VVD verpletteren wanneer ze een eigen partij op zal richten. De kritiek binnen de VVD op Rutte groeit en zijn missie lijkt dan ook een zinloze. Zoals Wiegel al zei is zijn overwinning van vandaag een Pyrrusoverwinning. Mark Rutte, nummer 1 van de VVD: hoe lang nog?

MollemaDan nog een nummer 1, maar nu een mét toekomst. Vandaag wist Bauke Mollema namelijk definitief het eindklassement van de Tour de l'Avenir op zijn naam te schrijven. Deze tiendaagse wedstrijd staat te boek als de 'kleine Tour de France', de Tour voor neo-profs. Mollema is na Joop Zoetemelk (1969) en Fedor den Hertog (1972) de derde Nederlander ooit die deze ronde wint. Ook grote namen als Miguel Indurain, Greg Lemond en Denis Menchov begonnen ooit hun grootse carrières met een eindzege in de Tour de l'Avenir. Mollema rijdt pas sinds dit seizoen voor de opleidingsploeg van Rabobank en manifesteert zich met zijn 20 jaar nu al als een belofte. In een eerder bericht somde ik een grote rij Nederlandse wielertalenten op, maar de Groninger ontbrak toen nog. Na deze schitterende zege hoort hij zeker in het rijtje toptalenten thuis. Chapeau!











Nummers 2
Verdonk
Rita Verdonk, nummer 2 van de VVD, had weer eens kritiek geleverd op de VVD en op Rutte en moest dat met een verwijdering bekopen. Tante Rita kon maar niet leven met haar nipte nederlaag tegen de stijve Rutte en liet dat bij meerdere gelegenheden blijken. Rutte ging erg prat op zijn overwinning. Hij behaalde 51,5 procent van de stemmen, Verdonk 46. Rutte's fout is dat hij hierin niet de grote verdeeldheid binnen de partij herkende. 51,5 - 46 is geen kwestie van een winnaar en een verliezer, maar van twee kandidaten die ieder ongeveer de helft van de partij achter zich hebben staan. Zo onstonden er twee kampen die onverenigbaar waren. Dit werd nog in de hand gewerkt door de landelijke verkiezingsnederlaag en het feit dat Verdonk daarbij meer stemmen kreeg dan Rutte. Nu is de scheuring eindelijk definitief - lijmen is uitstel van executie - en rijst de vraag wat Verdonk moet doen. Bij de VVD zat ze in een gelouterde partij met ervaren mensen. Wanneer ze voor zichzelf begint zal er een grote rits onbekende, onervaren namen voor de dag getoverd moeten worden.

GesinkRabobank had nog een nummer 1 verdiend dit weekend. In de schaduw van het geweld van de Vuelta (waar overigens Menchov nummer 1 staat) werd in Polen de laatste Pro Tour-rittenkoers verreden. Robert Gesink, eerder al door mij bejubeld, werd getipt als outsider. Vandaag was de slotetappe, een loodzwaar parcours met steile klimmetjes. Gesink toonde zijn klimcapaciteiten met verve en reed een peloton absolute toppers uit het wiel. Danilo di Luca, Kim Kirchen, Frank Schleck, allen moesten passen bij Gesinks versnelling. Maar... waar normaal de vluchters van de dag teruggepakt worden, was het nu Johan Vansummeren die vooruit bleef en op enkele seconden van Gesink de winst pakte. Een tweede plaats dus voor Gesink in het eindklassement. Nochtans een uitmuntende prestatie, maar wel eentje met een zuur bijsmaakje.